Ga naar de inhoud
FlowCraft

Van bouwplan naar SIP-panelen: paneelraster, aansluitingen, berekening en stuklijst

Hoe een aanvraag voor een woning in SIP-panelen door FlowCraft loopt: het plan van de architect, een 3D-model met het paneelraster, de aansluitingen volgens het systeemdetail, de berekening van wand, vloer en dak, het warmteverlies en de stuklijst.

FlowCraft automatiseert hele bedrijfsprocessen, van de aanvraag die binnenkomt tot de factuur die buitengaat. Voor een bouwer met SIP-panelen begint dat bij het plan van de architect.

Een woning in Vlaams-Brabant: gelijkvloers, verdieping en zolder op een bestaande kelder, uitgewerkt in SIP-panelen.

Zo loopt een aanvraag

Dezelfde woning als in de video, stap voor stap.

1. Het plan van de architect komt binnen

Een aanvraag komt per mail binnen, met het plan als pdf. Het platform leest de gronden van gelijkvloers, verdieping en zolder, de snede en de vier gevels. Uit de snede komen de vloerpeilen en de dakhelling van 40 graden, uit de gevels de hoogte van elk raam en elke deur.

Het grondplan van het gelijkvloers van een woning: leefruimte met keuken, bureel, inkom, garage en bergplaats.
Grondplan van het gelijkvloers, zonder de gegevens van de bouwheer.

2. Een 3D-model met het paneelraster

Op het plan groeit het 3D-model van de woning, op de bestaande kelder. Daarna komt het raster van SIP-panelen op wanden en dak.

Paneelbreedte, maximale lengte, dikte en voegregel zijn instellingen. Met 1,20 m breed en tot 5,80 m lang krijgt elke opening een voeg aan beide kanten en het dak een voeg halverwege. De vloeren zijn I-liggers met een OSB-vloerplaat; het dak ligt op een nokbalk en een gording per dakvlak.

Het 3D-model met SIP-panelen van 1,20 m breed op wanden en dak, de I-liggers zichtbaar als randbalk aan de gevel.
216 SIP-panelen, 55 I-liggers en 3 dakbalken op 6 stijlen.

3. De aansluitingen volgens het systeemdetail

Vloer en wand sluiten aan zoals het systeemdetail het voorschrijft. De I-liggers liggen op de SIP-wand, de vloerplaat loopt door tot de buitenkant van het paneel en de wand van de verdieping staat op die vloerplaat (SIPA BEST 2, Fig. 15). Het gevelblad van gevelsteen en spouw staat op de kelderwand en loopt ononderbroken voor de vloeren door tot onder het dak; de welfsels lopen onder de SIP-wand door tot tegen het gevelblad.

Voor deze woning gelden drie systeemregels. De vloeren zijn I-liggers, omdat een vloer in SIP 230 over 6 m te ver doorbuigt. Zolder: hangende vloer tegen de dakvoetwand (SIPA Fig. 16), wand schuin gezaagd tot onder het dakpaneel (Fig. 17); op de zolder stopt de vloer daardoor aan de binnenkant van de wand. Het dak ligt op een nokbalk en een gording op de voeg halverwege elk dakvlak, in GL24h op stijlen boven de dragende wanden van de verdieping.

Doorsnede van de verdiepingsvloer: I-liggers op de SIP-wand, de vloerplaat tot de buitenkant van het paneel, de wand erboven op de vloerplaat.
De verdiepingsvloer op de wand (Fig. 15).
Doorsnede van de dakvoet: de SIP-wand schuin gezaagd tot onder het dakpaneel, de zoldervloer met I-liggers ertegen.
De dakvoet: de wand schuin gezaagd onder het dakpaneel, de zoldervloer ertegen (Fig. 16 en 17).
Doorsnede van de voet: het gevelblad van gevelsteen en spouw op de kelderwand, de welfsels onder de SIP-wand tot tegen het gevelblad.
De voet: het gevelblad op de kelderwand, de welfsels onder de wand.
Doorsnede van de kruisgevel: een schuin gezaagde muurplaat op de SIP-wand onder het dakpaneel.
De kruisgevel: een schuine muurplaat op de wand (Fig. 18).

4. In de BIM-viewer

De doorsnede op de lijn van Snede AB ligt naast de tekening van de architect. Elk onderdeel is een element: elk paneel, elke I-ligger en elke balk. U klikt het aan en ziet zijn maat, systeem, gewicht en waar het op het plan staat.

De BIM-viewer met het SIP-model: een wandpaneel naast de deur in de voorgevel is aangeklikt, rechts zijn eigenschappen.
Wandpaneel naast de deur in de voorgevel: 1 200 × 2 800 × 230 mm, 3,36 m², 82 kg.

5. De berekening van wand, vloer en dak

Een eindige-elementenberekening op de echte onderdelen. Het wandpaneel naast de deur krijgt de wind en de last van dak, wand en vloerranden. De I-liggervloer ligt over drie steunpunten met 6,1 en 4,4 m overspanning; het dakpaneel overspant 3,77 m van gording tot nokbalk.

Om de 600 mm halen SJL 45 en SJL 60 de eigenfrequentie van 8 Hz niet. Het platform kiest SJL 90 300 om de 600 mm, voor de zolder SJL 45 240 om de 600 mm.

De I-liggervloer over drie steunpunten, de doorbuiging in kleur.
Het SIP-dakpaneel tussen gording en nokbalk, de doorbuiging in kleur.
Toets Resultaat
SIP-wand, doorbuiging onder wind (grens H/300) 2,2 ≤ 9,3 mm
SIP-wand, druk in de OSB-huid 0,62 ≤ 11,6 N/mm²
vloer SJL 90 300 om de 600, w_inst nuttig (L/300) 9,3 ≤ 20,3 mm
vloer, eigenfrequentie 8,8 ≥ 8 Hz
vloer, puntlast 1 kN 1,08 ≤ 1,5 mm
vloer, moment · dwarskracht per ligger 10,7 ≤ 15,4 kNm · 4,6 ≤ 9,9 kN
dakpaneel, doorbuiging (grens L/300) 9,0 ≤ 12,6 mm
gording · nokbalk GL24h 140 × 240, buiging 9,9 · 11,2 ≤ 15,4 N/mm²
stijl onder de nokbalk, knik 1,9 ≤ 5,5 N/mm²

Wind volgens EN 1991-1-4 (26 m/s, terrein II), toetsing volgens EN 1995-1-1, liggerwaarden van STEICO (ETA-06/0238). De OSB-vloerplaat is niet meewerkend gerekend.

6. Warmteverlies en koellast per ruimte

Met de U-waarden van de opbouw rekent het platform per ruimte het warmteverlies uit volgens EN 12831-1. Voor de zomer berekent EnergyPlus de koellast op een ontwerpdag in Brussel, met de voorgevel naar het noordwesten.

De ruimtes van de woning per verdieping uit elkaar getrokken, gekleurd volgens hun warmteverlies per m².
De woning
warmteverlies (buiten −8 °C) 4 798 W
koellast, piek 6 262 W
warmtevraag per jaar 5 188 kWh
koelvraag per jaar (26 °C) 2 288 kWh
U buitenwand · hellend dak · raam 0,12 · 0,12 · 1,1
Warmteverlies per ruimte
leefruimte en keuken (20 °C) 1 661 W · 24,1 W/m²
bureel (20 °C) 212 W · 23,7 W/m²
inkom en trap (18 °C) 318 W · 15,9 W/m²
wc (18 °C) 29 W
douche (24 °C) 210 W
slaapkamer 1 (18 °C) 223 W · 13,4 W/m²
dressing (18 °C) 73 W · 7,3 W/m²
slaapkamer 2 (18 °C) 214 W · 14,2 W/m²
badkamer (24 °C) 603 W · 34,5 W/m²
wasplaats (18 °C) 145 W · 12,5 W/m²
slaapkamer 3 (18 °C) 228 W · 20,7 W/m²
overloop (18 °C) 201 W · 8,8 W/m²
zolder (16 °C) 963 W · 9,3 W/m²

Buiten −8 °C (NBN EN 12831-1 ANB), 309 m² verwarmde vloer.

7. De stuklijst

De stuklijst komt uit hetzelfde model als de berekening: elk paneel met zijn maat, dikte, oppervlakte, gewicht en de openingen die eruit gesneden zijn, en elke ligger en balk met zijn lengte.

Onderdeel Aantal · hoeveelheid
wandpanelen gelijkvloers, 230 mm 80 · 120,6 m²
wandpanelen verdieping, 230 mm 57 · 96,9 m²
wandpanelen zolder, 230 mm 24 · 40,8 m²
dakpanelen plat dak achterbouw, 230 mm 9 · 33,2 m²
dakpanelen hellend dak, 230 mm 46 · 168,1 m²
I-liggers verdieping, SJL 90 300 om de 600 mm 30 · 230,8 m
I-liggers zolder, SJL 45 240 om de 600 mm 25 · 206,4 m
vloerplaat OSB/3 22 mm 224,2 m²
gordingen en nokbalk GL24h 140 × 240 3 · 30,7 m
stijlen GL24h en schuine muurplaten 8 · 0,35 m³
panelen netto · bruto 459,6 · 482,2 m²
panelen volume · gewicht 105,7 m³ · 11,2 t

Netto is het paneel zelf na de uitsparingen, bruto de rechthoek waaruit het gesneden wordt. Het platte dak van de achterbouw overspant in SIP-panelen de korte richting, tot 4,5 m.

Rekenwaarden en bronnen

Wat niet op het plan staat, rekent het platform met deze waarden. Elk van die waarden is een instelling.

SIP-paneel Idelco α-therm SIP 230 mm, U 0,12 W/m²K; 1 200 mm breed, 1 500 tot 5 800 mm lang; OSB-huid 2 × 15 mm, PIR-kern G 3,0 N/mm² (rekenwaarden)
vloeren STEICOjoist (ETA-06/0238): verdieping SJL 90 300 om de 600 mm, zolder SJL 45 240 om de 600 mm; OSB/3 22 mm; droge dekvloer 0,35 kN/m² (rekenwaarde); balkenlaag gevuld met minerale wol (aanname)
dak nokbalk en gording GL24h 140 × 240 (Binderholz, EN 14080) op stijlen 140 × 140; fv,g,k 3,5 N/mm² en wind op het dak cpe +0,7 (rekenwaarden)
aansluitingen SIPA BEST 2, Basic SIP Design and Engineering: platformvloer (Fig. 15), hangende vloer (Fig. 16), schuin gezaagde wand (Fig. 17), muurplaat op een recht gezaagde wand (Fig. 18). Systeemregels van deze woning: I-liggervloeren; zolder: hangende vloer tegen de dakvoetwand (SIPA Fig. 16), wand schuin gezaagd tot onder het dakpaneel (Fig. 17), op de zolder stopt de vloer daardoor aan de binnenkant van de wand; dak op nokbalk en gording.
voet gevelblad van gevelsteen en spouw op de kelderwand (bovenkant −0,40); de welfsels lopen onder de SIP-wand door tot tegen het gevelblad en liggen 260 mm op de kelderwand van 400 mm (aanname)
dakvlakken aan de nok en in de kil is elk dakpaneel verticaal gezaagd op de lijn van de nok of de kil, zodat twee panelen in één naad samenkomen; dat geldt voor dakvlakken met dezelfde helling (aanname)
paneelraster verticaal per 1,20 m, met een voeg aan beide kanten van elke opening; dak van goot naar nok, voeg halverwege op de gording
isolatie PIR Idelco α-therm SARKING XTRA λ 0,022
wind en sneeuw EN 1991-1-4: 26 m/s, terreinklasse II · EN 1991-1-3: 0,5 kN/m²
vloer nuttige last 2,0 + 0,5 kN/m² (EN 1991-1-1); doorbuiging L/300, eigenfrequentie ≥ 8 Hz, puntlast 1 kN ≤ 1,5 mm (gekozen grens)
warmte binnen 20 °C leefruimte en bureel, 24 °C badkamer, 18 °C overige ruimtes, 16 °C zolder; koudebruggen + 0,05 W/m²K
ramen en ventilatie ramen U 1,1 en g 0,5; ventilatie D met 85 % warmteterugwinning; luchtdichtheid n50 1,5 h⁻¹
zomer EnergyPlus, ontwerpdag Brussel 29,0 °C, koelen tot 26 °C, zonder zonwering; voorgevel naar het noordwesten

Past dit bij uw manier van werken?

Hoe gaat het bij u vandaag van bouwplan naar paneellijst en hoeveel tijd zit daarin? Daar komen we graag eens voor langs. Een half uur volstaat om te zien of dit bij u past. Plan een gesprek.